Nieuws
Noorse studie: ‘Proactief sturen van zelfafnamesets waarschijnlijk beschouwd als kosteneffectief’
Noorse onderzoekers keken naar de kosteneffectiviteit van verschillende manieren om vrouwen te benaderen voor het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker. Conclusie: als je iedereen een zelfafnameset stuurt of ter beschikking stelt, stijgen de totale kosten, maar dalen de kosten per geval.
Noorwegen kent een vergelijkbaar systeem van bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker als Nederland. In 2020 liet zo’n 80% van de Noorse vrouwen in de screeningsleeftijd zich binnen 5,5 jaar minstens één keer screenen; dat is iets meer dan de 72% van de vrouwen die zich in 2021 in Nederland binnen 5 jaar liet screenen, maar het percentage stagneert. Onder Noorse vrouwen tussen 35-69 jaar zit bovendien een groep van 17% die zich in tien of meer jaren niet heeft laten testen.
Een groep onderzoekers van de University of Oslo onderzocht de meest kosteneffectieve manier om deze ‘long-term non-attenders’ te benaderen. De studie is een tweede analyse van data uit de Noorse Equalscreen-studie, die eerder dit jaar leidde tot een publicatie in de British Journal of Cancer, waarin bleek dat de mogelijkheid tot zelfafname de deelname aan het bevolkingsonderzoek met een factor 3,5 tot 6 vergroot ten opzichte van standaard herinneringsbrieven. De onderzoekers adresseren in de zojuist gepubliceerde studie in Gynecologic Oncology de kosteneffectiviteit van de drie methodes.
De bijna 6.000 vrouwen binnen de Equalscreen-studie zijn willekeurig geselecteerd uit een database van 28.125 vrouwen die voldeden aan de criteria van long-term non-attenders. De vrouwen werden verdeeld in drie vrijwel even grote groepen die elk op een andere manier werd benaderd. De eerste met een herinneringsbrief om naar hun zorgverlener te gaan voor een onderzoek (controlegroep), de tweede met een uitnodiging om een gratis zelfafnameset te bestellen (opt-in), de derde door ze proactief een zelfafnameset toe te sturen (send-to-all).
Vergeleken met een standaard herinneringsbrief, doet de zelfafnameset de kosten met 27% dalen per extra gescreende vrouw en met 79% per extra gedetecteerd geval van CIN2+
Om de kosteneffectiviteit te kunnen kwantificeren, gebruikten de onderzoekers het begrip ICER (Incremental Cost-Effectiveness Ratio). ICERs worden uitgedrukt in geld – in dit geval Engelse ponden (GBP) – en moeten het verschil uitdrukken tussen de kosten van twee verschillende methodes, gedeeld door het verschil in effect. Een lage ICER geldt als kosteneffectiever dan een hoge ICER. De onderzoekers brachten de kosten voor zaken als uitnodiging, afspraak met de behandelaar, reistijd, materialen, labanalyse en de klinische follow-up in kaart, en deelden die door elke extra gescreende vrouw en elk extra gevonden voorstadium van baarmoederhalskanker (CIN2+). Daaruit berekenden ze de ICERs voor verschillende opties.
Voor de opt-in benadering blijken de kosten per extra gescreende vrouw ten opzichte van de controlegroep 135 GBP te zijn. Voor de send-to-all benadering ten opzichte van de opt-in benadering is dat 169 GBP. De kosten voor elk extra gedetecteerd geval van CIN2+ ten opzichte van de eerstvolgende strategie qua kosten, bedraagt 2.863 GBP voor de opt-in benadering en 4.165 GBP voor de send-to-all benadering.
De belangrijkste conclusie die hieruit volgt, is dat vergeleken met een standaard herinneringsbrief, het proactief sturen van een zelfafnameset de kosten met 27% doet dalen per extra gescreende vrouw en met 79% per extra gedetecteerd geval van CIN2+. De belangrijkste reden hiervoor is, dat de kosten van de behandelaar (afspraak voor uitstrijkje, uitslag mededelen) sterk dalen bij de opt-in en send-to-all benaderingen. De kosten voor de zelfafnametests wegen hier niet tegenop. De onderzoekers noemen het proactief sturen van een zelfafnameset dan ook ‘likely to be considered high-value and cost-effective’.
De dalende kosten per geval zeggen niets over de totale kosten van de gekozen benadering. Die liggen hoger (6 miljoen GBP voor opt-in en 10 miljoen GBP voor send-to-all), omdat je meer vrouwen een test stuurt en meer vrouwen behandelt. De lastig kwantificeerbare gezondheidswinst omdat meer vrouwen meedoen, zit niet in de berekening. Daarom plaatsen de Noorse onderzoekers de kanttekening dat de beste strategie niet noodzakelijk de strategie met de laagste ICER is. ‘Norwegian policy makers may be willing to pay more for additional health benefits.’
___